HomeDocumentatieArtikelen en studiesWat weten we echt over Jezus?
Documentatie

Wat weten we echt over Jezus?

Tags: Jezus Christus, Kerstmis, De Heilige Familie, Leer, Heilige Jozef
Iedere keer met Kerst kijk ik graag naar afbeeldingen van het kindje Jezus. Beelden en schilderijen die laten zien hoe God zichzelf verlaagde herinneren mij eraan dat God ons roept. De Almachtige wil dat we weten dat hij weerloos is, dat hij de hulp van mensen nodig heeft. Vanaf de kribbe in Bethlehem vertelt Christus jou en mij dat hij ons nodig heeft. Hij spoort ons aan een volledig christelijk leven te leiden – een leven van zelfopoffering, werk en vreugde .
Als Christus nu langs komt, 18

Wat weten we echt over Jezus?

23 Vragen en antwoorden over Jezus Christus, voorbereid door een team van katholieke theologen van de universiteit van Navarra.
Dit is vraag 1: “Wat weten we echt over Jezus?”

We beschikken over meer en betere informatie over Jezus van Nazareth dan over welke andere persoonlijkheden van zijn tijd ook. We hebben getuigenverklaringen over zijn leven en dood: zowel uit geschreven als uit orale overlevering. Hieronder bevinden zich de vier evangeliën, die zijn doorgegeven door de gemeenschap van levend geloof die Hij vestigde en die tot op heden voortduurt.

Deze gemeenschap is de Kerk, samengesteld uit miljoenen volgelingen van Jezus gedurende de geschiedenis. Zij hebben de feiten vernomen en deze ononderbroken doorgegeven van de eerste apostelen.

De data uit de apocriefe evangelies en andere buitenbijbelse referenties voegen niets toe aan de informatie die we reeds hebben uit de canonieke evangelies, zoals zij zijn doorgegeven door de Kerk.

Tot aan de Verlichting accepteerden zowel gelovigen als ongelovigen dat de evangelies alles bevatten wat bekend was over Jezus. Echter, sommige 19e eeuwse historici begonnen de objectiviteit van hun inhoud te betwijfelen, aangezien ze vanuit het oogpunt van het geloof geschreven waren. Voor hen waren de evangelies nauwelijks geloofwaardig aangezien ze niet vertelden wat Jezus zei of deed, maar meer wat zijn volgelingen enkele jaren na zijn dood geloofden. Het gevolg was dat in de decennia die volgden, tot het midden van de 20e eeuw, de juistheid van de evangelies betwijfeld werd door degenen die deze zienswijze deelden en er werd gezegd: “Wij kunnen niet alles over Jezus weten” (R. Butlmann, Jezus, Duitse Bibliotheek, Berlijn 1926).

Tegenwoordig, door de ontwikkeling van de geschiedwetenschap, archeologische vooruitgang en een bredere en betere kennis van oude bronnen, kunnen we een bekende specialist uit de Joodse wereld citeren, die niet te boek staat als conservatief: “We kunnen veel over Jezus weten”(E.P. Sanders, Jesus and Judaism, Fortress Press, London-Philadelphia 1985).

Bijvoorbeeld, Sanders wijst op “acht onbetwistbare feiten” vanuit historisch gezichtspunt betreffende het leven van Jezus en Christelijke oorsprong:

1. Jezus werd gedoopt door Johannes de Doper.
2. Hij was een Galileër die preekte en wonderen verrichtte.
3. Hij beperkte zijn activiteiten tot Israel.
4. Hij riep degenen die zijn volgelingen zouden worden.
5. Hij veroorzaakte onenigheid over de functie van de tempel.
6. Hij werd door de Romaanse authoriteiten buiten Jeruzalem gekruisigd.
7. Na de dood van Jezus gingen zijn volgelingen door met het vormen van een herkenbare groep.
8. Sommige Joden vervolgden ten minste bepaalde groepen van de nieuwe beweging (Gal 1:13,22; Phil 3:6) en het lijkt dat deze vervolging tenminste duurde tot kort voor Paulus’ laatste zending (2 Cor 11:24; Gal 5:11; 6:12; Matt 23:34; 10:17).

Uitgaande van deze minimale basis waarover historici het eens zijn, kunnen we vertrouwen op andere feiten uit de evangelies als zijnde betrouwbaar vanuit historisch gezichtspunt.

Toepassing van historische criteria op deze feiten maakt het mogelijk een mate van samenhang en waarschijnlijkheid toe te kennen aan de verklaringen in de evangelies, zodat de inhoud van deze verhalen aanzienlijk vaststaat.
Tenslotte is het de moeite waard op te merken dat we weten dat Jezus betrouwbaar en geloofwaardig was, omdat de getuigen hun geloofwaardigheid waardig zijn en omdat de traditie zelfkritisch is.

Bovendien doorstaat de overgeleverde traditie de historische kritiek.
Uiteraard kunnen slechts enkele van de vele overgeleverde verhalen bewezen worden door de methoden die historici hanteren. Desalniettemin betekent dit niet dat die gebeurtenissen die niet door deze methoden kunnen worden aangetoond, niet hebben plaatsgevonden, maar dat we slechts informatie kunnen geven die min of meer waarschijnlijk is.

Aan de andere kant kunnen we niet vergeten dat waarschijnlijkheid niet de bepalende factor is. Want, gebeurtenissen met weinig waarschijnlijkheid hebben historisch plaatsgevonden. Ook onbetwistbaar waar is dat de informatie uit het evangelie waarschijnlijk en coherent is met aantoonbare feiten. In elk geval is het de traditie van de Kerk, waar deze geschriften ontstonden, die ons de garantie geeft van betrouwbaarheid en die ons vertelt hoe we ze moeten interpreteren.